Werkgeluk onder de loep
Wat het is, wat het niet is, en waarom je eigen brein je onderweg regelmatig voor de gek houdt.
Gelukkig zijn. We streven er allemaal naar, maar het fenomeen geluk laat zich moeilijk vangen. Het is geen knop die we kunnen indrukken, niet voor onszelf en al helemaal niet voor anderen. Geluk hangt af van talloze factoren en kan zich zomaar aandienen, om vervolgens net zo snel weer te verdwijnen. Toch kunnen we ons geluk een duwtje in de goede richting geven: door gezond te leven, fijne mensen om ons heen te verzamelen en te investeren in onszelf en onze relaties.
Het mooie van geluk is dat het zichzelf versterkt. Hoe gelukkiger je bent, hoe meer energie je hebt. Die energie straal je uit en creëert een positieve flow in je leven. Geluk is aantrekkelijk. Het trekt andere gelukkige mensen aan en maakt dat dingen gemakkelijker lijken te verlopen. Helaas werkt het ook de andere kant op. Wie in een negatieve spiraal zit, kent de wet van Murphy maar al te goed.
Hype of noodzaak?
Werkgeluk. Een term die je tegenwoordig overal tegenkomt: in de media, op LinkedIn, tijdens teamtrainingen. Voor sommigen klinkt het als muziek in de oren, voor anderen als een modewoord. Terwijl de een de term omarmt, krijgt de ander er jeuk van.
Laten we eerlijk zijn: werkgeluk kan wat ongrijpbaar en euforisch klinken. Om de nuance aan te brengen, kunnen we ook spreken over welzijn op het werk. Dat omvat zowel materiële als immateriële tevredenheid. Als werkgever of leidinggevende ben je misschien niet verantwoordelijk voor het geluk van je medewerkers, maar wél voor hun welzijn. Je kunt daar op allerlei manieren vorm aan geven: van een praatje bij de koffiemachine tot diepgaande gesprekken over persoonlijke groei, en van ergonomische stoelen tot een gezonde werkplek met gedeelde waarden, respect en wederzijds vertrouwen. Dat is de bodem waarop werkgeluk kan groeien.
De paradox van het najagen
Veel organisaties investeren steeds meer in het welzijn van hun medewerkers, en toch lijkt geluk soms door de vingers te glippen. Niet alleen op het werk, ook thuis en in de samenleving. Misschien komt dat juist doordat de focus zo sterk op geluk ligt. Door voortdurend naar geluk te streven ontstaat een paradox: hoe harder we erachteraan zitten, hoe moeilijker het wordt om het echt te ervaren. Geluk is zelden een doel dat je kunt behalen. Het is veel vaker een bijproduct van investeren in voedende zaken, zoals relaties, betekenis en persoonlijke groei. Dat inzicht bepaalt de opbouw van dit hele boek.
Broodjes aap over geluk
“Als ik die loonsverhoging krijg, dan ben ik gelukkiger. Als ik mijn targets aan het einde van het jaar haal, dan ben ik gelukkiger. Als ik dezelfde mooie nieuwe auto heb als mijn buurman, en misschien zelfs een model groter, dan zou ik écht gelukkig zijn.” Denk je dat dit klopt?
Dit zijn overtuigingen die we onszelf aanpraten, maar die uiteindelijk weinig bijdragen aan ons werkelijke gevoel van geluk. Hoe komt het dat je brein je op deze manier voor de gek houdt? Zou het niet logischer zijn als je intuïtie je automatisch in de richting van meer geluk zou leiden?
Bugs in het brein
Ons brein is een prachtig instrument, maar het is gebouwd voor overleven, niet voor geluk. Daardoor zitten er een paar hardnekkige denkfouten in, die je mag zien als bugs in de software. Wie ze kent, herkent ze, en wie ze herkent, kan ze verzachten.
De confirmation bias helpt je om bestaande overtuigingen in stand te houden. We zoeken voortdurend naar bewijs dat bevestigt wat we al dachten. Geloof je dat die promotie je gelukkig maakt, dan zie je overal aanwijzingen dat het klopt. Helaas zorgen prestaties en materiële zaken meestal niet voor langdurig geluk.
Daar zorgt de hedonic adaptation wel voor: we wennen aan vrijwel alles. Na een positieve gebeurtenis keert ons geluksniveau verrassend snel terug naar het oude peil. De nieuwe auto ruikt na drie maanden gewoon naar auto.
Dan is er de ankerheuristiek: we vergelijken onszelf voortdurend met anderen die het beter lijken te hebben. Onze relatieve positie bepaalt sterker hoe we ons voelen dan onze absolute situatie. Het gedachtenexperiment in het kader hieronder laat zien hoe sterk dat werkt.
De self-serving bias maakt dat je een fout toeschrijft aan de omstandigheden, terwijl je een succes volledig op eigen conto schrijft. Klinkt comfortabel, maar er zit een prijs aan: wie de oorzaak altijd buiten zichzelf legt, geeft ook de invloed op het eigen geluk uit handen. Deze bias is overigens bijzonder behulpzaam als jouw club heeft verloren en de scheidsrechter toch echt heel partijdig was.
Evolutionair gezien heel verstandig is de negativity bias: we merken negatieve zaken sneller op en onthouden ze beter dan positieve. Vroeger was het belangrijker om de naderende holenbeer te zien dan de mooie bloemen in het veld. Op de werkvloer betekent het dat één kritische opmerking tien complimenten kan overstemmen.
En dan het focalisme: “Als ik mijn bedrijf eenmaal verkoop, krijg ik rust en tijd voor alles wat ik nu mis.” Dat zou kunnen. Waarschijnlijker is dat je te veel waarde hecht aan dat ene doel en vergeet dat talloze andere factoren je leven blijven beïnvloeden, ook als dat doel bereikt is.
Gedachtenexperiment · De ankervraag
Wat kies je: een salaris van € 50.000 terwijl de mensen om je heen € 25.000 verdienen, of een salaris van € 100.000 terwijl je collega’s € 200.000 verdienen?
Bij de tweede optie krijg je twee keer zoveel geld, en toch kiest bijna de helft van de mensen voor de eerste. Leg deze vraag eens voor aan je team in de koffiepauze en kijk wat er gebeurt. Het gesprek dat volgt gaat zelden over geld en bijna altijd over vergelijken, eerlijkheid en erkenning. Precies de thema’s die werkgeluk raken.
Uit het veld · De impala bij de drinkpoel
Kijk naar een impala die drinkt bij een poel op de savanne. Om de paar seconden gaat de kop omhoog: rondkijken, luisteren, snuiven. Het dier dat één keer een sluipende leeuw mist, drinkt nooit meer. Het dier dat duizend keer voor niets opkijkt, verliest slechts wat slokken water. De natuur rekent scherp af op gemiste gevaren en mild op gemiste kansen. Ons brein stamt uit dezelfde werkplaats. Dat je na een lange werkdag vooral dat ene lastige gesprek herbeleeft en niet de negen gesprekken die soepel liepen, is dus geen zwakte. Het is een oeroud veiligheidssysteem dat overuren draait in een omgeving waar geen leeuwen meer zijn. Wie dat weet, kan er vriendelijker naar kijken, bij zichzelf en bij collega’s.
Wat werkt dan wél?
Als najagen niet werkt en ons brein ons plaagt met denkfouten, waar bouw je dan wel op? Uit onderzoek naar welzijn op het werk komen telkens dezelfde factoren naar voren. Wij hebben ze voor dit boek geordend in vijf bouwstenen.
Verbinding. Wij mensen zijn door en door sociale wezens. Sociale interactie, steun van collega’s en een gevoel van saamhorigheid zijn de sterkste voorspellers van werkgeluk die we kennen. Verbinding is daarom het fundament, en het eerste bouwsteenhoofdstuk.
Veiligheid. Wie zich veilig voelt, durft zijn mening te geven, fouten toe te geven en risico’s te nemen zonder angst voor negatieve gevolgen. Psychologische en sociale veiligheid vormen de bedding waarin al het andere kan stromen.
Zingeving. Werkgeluk ontstaat wanneer werk betekenis heeft. Zingeving geeft richting en voldoening, en blijkt juist in moeilijke tijden een bron van veerkracht.
Ontwikkeling. Groeien, je talenten benutten en steeds iets dichter komen bij wie je wilt zijn. Wanneer persoonlijke groei aansluit bij wat iemand betekenisvol vindt, ontstaat intrinsieke motivatie.
Plezier. Spelen, lachen en samen vieren. Plezier is meer dan versiering: het is de lijm die de andere bouwstenen bij elkaar houdt, en een verrassend betrouwbare graadmeter voor hoe het met een team gaat.
Deze vijf bouwstenen vormen samen de kaart van deze reeks. Ze staan niet los van elkaar: verbinding maakt veiligheid mogelijk, veiligheid geeft ruimte aan zingeving en ontwikkeling, en plezier houdt het geheel soepel. In het boekje Werkgeluk, vijf bouwstenen voor teams die floreren, scoor je jouw team per bouwsteen en breng je alles samen in één teamscan.
- Verbinding. Wij mensen zijn door en door sociale wezens. Sociale interactie, steun van collega’s en een gevoel van saamhorigheid zijn de sterkste voorspellers van werkgeluk die we kennen. Verbinding is daarom het fundament en de eerste bouwsteen.
- Veiligheid. Wie zich veilig voelt, durft zijn mening te geven, fouten toe te geven en risico’s te nemen zonder angst voor negatieve gevolgen. Psychologische en sociale veiligheid vormen de bedding waarin al het andere kan stromen.
- Zingeving. Werkgeluk ontstaat wanneer werk betekenis heeft. Zingeving geeft richting en voldoening, en blijkt juist in moeilijke tijden een bron van veerkracht.
- Ontwikkeling. Groeien, je talenten benutten en steeds iets dichter komen bij wie je wilt zijn. Wanneer persoonlijke groei aansluit bij wat iemand betekenisvol vindt, ontstaat intrinsieke motivatie.
- Plezier. Spelen, lachen en samen vieren. Plezier is meer dan versiering: het is de lijm die de andere bouwstenen bij elkaar houdt, en een verrassend betrouwbare graadmeter voor hoe het met een team gaat.
Waarom wachten geen optie is
In een tijd waarin we steeds langer werken, overspoeld worden door informatie en de snelheid van verandering duizelingwekkend is, is aandacht voor welzijn en zingeving belangrijker dan ooit. Steeds meer mensen raken opgebrand. Vaak komt welzijn pas op de agenda als mensen klachten krijgen of uitvallen. Dat is te laat. Waarom wachten op dat signaal, als je vandaag kunt beginnen met bouwen? Geluk is geen vaststaand gegeven. Door te investeren in welzijn en betekenis creëer je een positieve, duurzame werkcultuur. En het begint klein, zoals alles wat groeit.
Het boekje
De hele reeks is gebundeld in het boekje Werkgeluk, vijf bouwstenen voor teams die floreren. Daarin vind je per bouwsteen oefeningen die je vandaag nog kunt doen en een teamscan waarmee je in één oogopslag ziet waar jouw team staat. [Download het boekje (pdf)]
Wil je met je team aan deze bouwstenen werken? Bekijk de teamtraining werkgeluk.
Veelgestelde vragen
Wat is werkgeluk?
Werkgeluk is het welzijn dat je ervaart in je werk: materieel en immaterieel, van een gezonde werkplek tot het gevoel gezien te worden. Het laat zich niet najagen. Hoe harder je erachteraan zit, hoe moeilijker het te ervaren is. Werkgeluk groeit als bijproduct van investeren in wat voedt: verbinding, veiligheid, zingeving, ontwikkeling en plezier. Dat zijn de vijf bouwstenen waar deze reeks over gaat.
Is een werkgever verantwoordelijk voor het geluk van medewerkers?
Voor hun geluk niet, voor hun welzijn wel. Geluk hangt van te veel factoren af om te organiseren. Welzijn op het werk kun je wel vormgeven: een praatje bij de koffiemachine, een gesprek over persoonlijke groei, een werkplek met gedeelde waarden, respect en vertrouwen. Dat is de bodem waarop werkgeluk kan groeien. Wat je aandacht geeft, groeit.
Waarom werkt najagen van geluk niet?
Omdat ons brein is gebouwd voor overleven en niet voor geluk. Denkfouten als de confirmation bias, hedonic adaptation en de negativity bias zorgen dat we ons snel aanpassen aan wat goed gaat en blijven hangen in wat misgaat. Een loonsverhoging of een nieuwe auto maakt daardoor maar kort gelukkiger. Wie de bugs kent, herkent ze en kan ze verzachten.



